Back to top

God uitnodigen in je pijn

Het onderstaande interview is door Margot C. Berents geschreven in de context van een conferentie van de Lucas orde. Dit artikel werd in 2004 geplaatst in Woord en Dienst.

‘Openstaan, luisteren, vragen, ontvangen’, dat zijn de kernwoorden die Tony Kalma gebruikt als zij spreekt over genezing door gebed. ‘Er kunnen allerlei belemmeringen zijn in je leven, maar God wil dat je tot je bestemming komt.’

‘Plaats maken voor genezing, de helende opdracht van de gemeente van Christus’; dat is het thema van een conferentie die de Lucasorde binnenkort houdt. Leden van de Lucasorde geloven dat genezing een wezenlijk onderdeel is van de bediening van de gemeente. Zij komen uit diverse kerkgemeenschappen en willen de dienst der genezing een volwaardige plaats geven in hun eigen gemeente.

Huilend kind

Een van de sprekers tijdens de conferentie is Tony Kalma-Zwier (-s). Zij is docent pastorale hulpverlening bij verschillende instanties en heeft zelf een praktijk aan huis. Zij vertelt hoe gebed kan leiden tot genezing. ‘Veel mensen hebben pijn en verdriet. In mijn werk probeer ik mensen te leren dat ze Jezus kunnen uitnodigen in hun pijn. Je bent dan niet meer alleen in de pijn en Zijn liefdevolle aanwezigheid is genezend.

In Johannes 14 belooft Jezus de komst van de Trooster. Door Zijn Geest kan Gods liefde, die in Jezus woonde, ook in ons wonen. Wij kunnen dezelfde verbinding met God hebben en God wil met zijn liefde die delen van ons die nog niet met Hem verbonden zijn, genezen. Mensen verwachten vaak niet dat er wat gebeurt, als je bidt. Als ik naar een heel verdrietig verhaal geluisterd heb, kan ik troosten maar ik heb vaak het gevoel dat mijn armen te kort zijn. Ik vraag dan of ze het goed vinden dat ik bid en vraag of Jezus met zijn liefde in hun herinnering, in hun pijn, angst, zal komen. Ik zie dat er dan altijd wat gebeurt als ze in aanraking komen met Jezus’ liefde. Er komt bijvoorbeeld een intense vrede over iemand of iemand ontvangt een heel nieuw beeld over zichzelf en ziet bv dat hij helemaal geen lastig kind was.

Wat er in feite gebeurt, kun je vergelijken met een kind dat ver van huis gevallen is, en pas begint te huilen als hij in de buurt van z’n ouders komt. Hij houdt zich in als hij weet dat toch niemand hem kan horen. Maar zodra vader of moeder binnen gehoorsafstand zijn, kunnen ze troosten en een pleister plakken. Als je God in je pijn en angst toelaat, is er aandacht, vrede. Zo kan genezing op gang komen. Geestelijke genezing, maar ook lichamelijke genezing.’

Zendingsbevel

Tony wijst op Mat 28, waarin het zendingsbevel staat: Jezus heeft bevolen zieken te genezen, handen op te leggen, zieken te zalven, te bidden om genezing. Zij is zelf jarenlang ziek geweest en zegt dat ze uiteindelijk genezen is door zowel artsen als gebed, in een lang proces. ‘Mensen die moeite hebben met gebed om lichamelijke genezing, zeggen vaak dat het zo erg is als mensen niet genezen. Dat is ook erg. Maar het hangt er vanaf hoe je bidt. Ikzelf zal nooit genezing claimen in een gebed. Je kunt heel eenvoudig bidden in Jezus naam om Gods aanwezigheid, Zijn aanraking, om Zijn genezende kracht. Het deed mij heel goed als mensen voor me baden ook al genas ik niet lichamelijk. Ik was niet langer alleen in mijn ziek-zijn en vaak kwam er rust of vrede in mij.’ Vaak is er een combinatie van innerlijke pijn en lichamelijk ziek-zijn. Soms vindt genezing plaats van het ene-op-het-andere moment maar veel vaker gebeurt dat door een heel proces.

Madeliefjes

Tony geeft een aantal voorbeelden van hoe gebed kan werken. Als ze met iemand bidt, kan ze een beeld van God ontvangen. Als ze dat aan de ander doorgeeft, kan dat een eye-opener zijn waardoor hij of zij verder kan. ‘Je moet verbanden leren leggen, je moet leren luisteren. Iedereen kent het verschijnsel dat je opeens de gedachte krijgt dat je iemand moet bellen. Je kunt dat wegwuiven, denken: wat een onzin. Maar als je toch belt, wordt het vaak een bijzonder gesprek. Je moet intuïtief leren luisteren.

Ik kreeg eens een beeld van een zonnebloem bij iemand. God wilde toen die persoon duidelijk maken dat hij een groot hart had, groter dan hijzelf dacht en hem bemoedigen die liefde te uiten.

Bij een ander, een meisje dat misbruikt was, ‘zag’ ik Jezus op een beschutte plek met gras en bomen. Hij maakte een krans van madeliefjes en legde deze krans op het hoofd van het meisje. Ontroerend was dit. Ik vertelde haar dit beeld en het meisje begon te huilen: ze had dat zelf al een aantal nachten achter elkaar gedroomd. Op dat moment voelde ze zich zo gekend door God.

Mensen kunnen ook lijden aan nare woorden, die door anderen tegen hen uitgesproken zijn. Ze kunnen daar maar niet van loskomen. Woorden blijven hangen, worden bindingen en kunnen je belemmeren in het leven. Ze worden ongemerkt een deel van je identiteit. Maar God wil je weer brengen naar je eigen identiteit, naar hoe je gemaakt bent, naar je bestemming. Het kan dan helpen om naar een kruis te kijken, en je voor te stellen dat Jezus die woorden met zich meeneemt. Wég met die woorden! Op die manier kun je genezing bevorderen.

Je kunt dat zelf bidden, maar vaak moet een ander voor jou bidden. Als je geabsorbeerd bent door pijn, dan is het moeilijk om van God te ontvangen en helpt het als een ander voor je bidt.God heeft ons geschapen als relationele wezens. Het is ook goed dat je anderen nodig hebt, het houdt je nederig.’

Geitenbokje

Maar waarom is het nu nodig deze dingen aan God te vrágen? Waarom doet God het niet uit zichzelf? En is het niet onrechtvaardig als degene die vraagt iets krijgt, en de andere die niet vraagt dat niet krijgt? Tony: ‘Tja, dan redeneer je net zo als de oudste zoon uit het verhaal van de verloren zoon. Zo’n beetje mokkend: waarom heeft hij mij nooit een geitenbokje gegeven, en aan mijn broer wel? Ik zeg dan: hij had dat geitenbokje gewoon moeten némen, hij hád dat geitenbokje niet eens hoeven vragen! Het was van hém! Jezus heeft de weg open gemaakt naar al Gods rijkdommen: zijn genezende kracht, zijn raad, wijsheid, vrede….. We mogen leren erom te vragen. God zegt: al het mijne is het jouwe (Lucas 15:31), maar dan moeten we er wel voor openstaan om te ontvangen!’

Doe-het-zelvers

Dat ontvangen, dat luisteren, dat mist Tony in de gereformeerde kerk waar ze nog steeds lid van is. ‘Mensen in de kerk doen allerlei goede dingen, zijn druk bezig, werken hard. In Amerika zeggen ze het zo mooi: wij zijn human beings, maar in de kerk lijkt het wel of we alleen maar human doings zijn. Doe-het-zelvers. We laten God te weinig toe. Ik zou mij wat dat betreft meer thuis voelen in charismatische gemeenten, maar ik wil toch proberen of er in mijn eigen kerk niet een plek is voor de dingen die ik noemde. Als we Avondmaal vieren bijvoorbeeld, waarom zou er dan geen ruimte zijn waarin mensen dingen bij God kunnen brengen, in een stil gebed? In zo’n gebed kun je vergeving van zonden vragen, pijn of nare woorden voorleggen. Een predikant zou dat kunnen ‘uitbidden’, zoals ik dat noem: “Dank u dat we bij u konden komen met onze pijn, wilt u ons tegemoetkomen met uw aanwezigheid.” Zo help je mensen om dieper te ontvangen.

Je kunt dan een lied erbij zingen en de predikant kan nog eens benadrukken wat erin staat: “Wat is het schitterend dat we zingen over de wonderen die God doet, er zijn misschien ook in uw leven dingen gebeurd die u niet verwacht had, laten we daar eens bij stil staan, erover nadenken, God ervoor danken. En laten we dan dat lied nog eens zingen.” Dan kweek je verwachting en hoop, en dat is een goed uitgangspunt voor genezing. Maar in onze kerkdiensten gebeurt dat niet. We zingen gewoon een lied, en dan nog een lied.’

Lucasorde

Tony Kalma is blij dat in haar woonplaats het initiatief genomen is om twee keer per jaar een zegeningsdienst te organiseren. Ze is blij met bewegingen zoals die van de Lucasorde, die de dienst der genezing meer aandacht willen geven. ‘Aparte diensten organiseren is nu nog nodig’, zegt ze, ‘maar ik droom ervan dat bidden om genezing ook een plek krijgt in een gewone eredienst.’